Scheuren van de voorste kruisband zien we bij twee types honden.
In de eerste plaats bij jonge vaak zware, atletische honden zoals de Rottweiler, Herder, Berner Sennen, Beauceron etc. en ten tweede zien we ze ook bij de wat oudere honden van elk ras , vaak ook kleinere rassen zoals de Yorkshire terriër, Maltezer, Poedel, etc .
Deze scheuren ontstaan door overbelasting van de kruisband. Dit gebeurt vaak tijdens een explosieve beweging, zoals jagen achter een vogel of poes, of bij spelen met stokken of een bal.
Bij oudere honden echter kan de band scheuren bij dagelijkse bewegingen en dat omdat er slijtage en degeneratie op de band zit.
De band scheurt bij slechts een klein aantal honden direct helemaal. Meestal is er een voorgeschiedenis van kleine scheurtjes die aanleiding geven tot periodes van mank zijn. In de beginfase reageert de hond dan ook nog goed op pijnstillers of ontstekingsremmers en dat zolang de scheurtjes klein zijn.
Als de band echter helemaal scheurt ontlast de patient de poot geheel en zullen pijnstillers geen of nauwelijks verbetering veroorzaken. Gedeeltelijke scheuren van de voorste kruisband leiden in onze ervaring steeds tot gehele rupturen. Deze totale scheuren kunnen optreden dagen, weken, maanden, of jaren na het optreden van de eerste partiële scheuren.
Eens de band helemaal gescheurd is, wordt de knie instabiel en treedt het schuiflade syndroom op. Hierbij is de knie abnormaal te bewegen. Om dit uit te testen is het meestal nodig om de patient te sederen. De knie wordt dan stevig vastgenomen en onderzocht op het voorwaarts schuiven van het onderbeen ten opzichte van het bovenbeen. Indien dit kan is de schuiflade positief. (zie figuur)
Ook tijdens het wandelen zal deze abnormale beweeglijkheid in de knie aanwezig zijn. Daardoor maalt de knie op de duur haar eigen meniscus kapot. Onderzoek heeft aangetoond dat scheuren van de kruisband die niet worden geopereerd in 100 % van de gevallen leiden tot meniscus scheuren na een jaar.
Bij grote honden zijn een maand na het optreden van een voorste kruisband scheur reeds 85 % van de meniscussen gescheurd.
Als een scheur van de kruisband optreedt is het dus verstandig om de ingreep redelijk snel uit te voeren (zonder echte spoed).
Spijtig genoeg treden er ook nog scheuren van de meniscus op na een herstellende ingreep en dit in nog 15 % van de patienten. Hoewel dit wat ontgoochelend is, is het alleszins veel beter dan in de 100 % die anders te verwachten is.
Rupturen van de voorste kruisband worden, zoals reeds aangegeven, best chirugisch behandeld. Hierbij worden eerst de kapotte resten in het gewricht opgeruimd (vezels van de kruisband en flappen meniscus).
Deze opruiming is zeer belangrijk omdat deze resten ontsteking van de knie veroorzaken. Deze ontsteking veroorzaakt dan weer artrose. Het snel opruimen stopt de ontsteking waardoor het voortschrijden van de artrose afgeremd wordt.
Ten tweede bestaat de chirugie uit stabilisatie van de knie. Hiervoor zijn er meer dan 100 chirugische technieken mogelijk, elk met zijn specifieke voordelen en nadelen.
Na stabilisatie is de schuiflade verwenen. De knie kan vanaf nu herstellen.
Dit herstel moet langzaam gebeuren. Daarom moet de hond tot zes weken na de ingreep aan de korte lijn worden gehouden. In huis mag hij echter vrij bewegen. Wandelingen moeten kort zijn. Tien minuten is echt het maximum, maar dit mag vaak per dag zijn.
Na zes weken mag de patiënt meer doen. Maar de patiënt ineens loslaten en plots alles laten doen is te veel van het goede. De knie wordt dan overbelast. Daarom moet de fysieke opbouw langzaam gebeuren over een periode van 1 tot 2 maanden.
Indien later nog een meniscusscheur optreedt zal de hond plots terug erg mank worden. Er rest dan maar één goede oplossing en dat is de verwijdering van het stukje meniscus dat stuk is. Dit is helaas weer een chirurgische ingreep.
Bij katten worden scheuren van de kruisband vaak gezien in combinatie met een ziekte van de hartspier. Een EKG en echografisch onderzoek is dan ook steeds noodzaakelijk voor de anesthesie bij deze diersoort.