Chirurgie bij de hond is zonder twijfel iets waar zeer veel eigenaars vroeg of laat mee worden geconfronteerd.
Uit onderzoek blijkt dat de meest frequente vorm van chirurgie deze is waarbij de hond wordt gesteriliseerd of gecastreerd (80 % van alle chirurgie).
Laparoscopische chirurgie bij de teef
Bij de sterilisatie worden de eiertakken (ovaria) verwijderd en de naam van deze ingreep is dan ook ongelukkig gekozen. Castratie zou het correcte begrip zijn. Dit woord wordt -dan wel correct- gebruikt bij de mannelijke hond.
De sterilisatie of castratie van de teef is een veel ingrijpender gebeuren dan de castratie van de mannelijke hond. Er moet in de buik worden gewerkt en vaak liggen de eiertakken erg diep.
De snede kan dan ook ruim groot zijn met veel pijn nadien en nogal wat nazorg. Ook kan de naad opengaan, open gelikt worden, infecteren en nabloeden.
Bij de mens wordt een “gewone” ingreep, waarbij de buik wordt opengemaakt, haast nooit meer gebruikt. Sinds zeker tien jaar al wordt heel veel genitale humane chirurgie via de laparascopie verricht. Dit is nu sinds kort ook bij de hond mogelijk.
Bij laparoscopische sterilisatie worden slechts drie minieme insneden gemaakt in de buik. Twee daarvan zijn 0,5 cm en één is 10-12 mm groot.
Door de grote opening wordt de scoop of kijkbuis in de buik ingebracht. Om goed te kunnen kijken wordt de buik opgeblazen met CO2: een inert gas dat het lichaam ook zelf produceert bij verbruik van zuurstof. In deze opgeblazen buik kan men nu alle organen goed waarnemen.
De eiertak wordt opgezocht en doorgeknipt thv de eileider. De bloedvaten worden dichtgebrand zodat er geen bloedingen optreden.
Daarna wordt ook het ophangsysteem van de eiertak zelf doorgeknipt. Hierbij wordt veel aandacht gegeven aan het dichtbranden of afbinden van de grote bloedvaten die naar de eiertak gaan.
Nu ligt de eiertak vrij en wordt hij uit de buik gehaald. Ook wordt het uitgehaalde weefsel nagekeken om zeker te zijn dat de eiertak 100% werd weggenomen.
Op het einde van de ingreep wordt het gas uit de buik gelaten. Enkel op de grootste opening wordt een hechting geplaatst.
Enkele uren later kan de patiënt al wandelend naar huis.
In vergelijking met de gewone ingreep met buiksnede mag men stellen dat de patiënten beduidend minder pijn hebben, sneller terug normaal zijn, direct weer actief mogen zijn en niet op controle moeten voor het verwijderen van de hechtingen.
Laparoscopische chirurgie bij de reu
Bij de reu is de castratie meestal een eenvoudige ingreep behalve als één of twee testikels niet zijn afgezakt en zich nog in de buik bevinden. In dat geval spreekt men van cryptorchidie. Cryptorchidie is in meer dan 95 % van de gevallen éénzijdig en dus is de tweede teelbal meestal wel uitwendig te zien.