De arthroscopie is een recente techniek waarbij gewrichten worden bekeken en behandeld dmv dunne kijkbuisjes. Aldus wordt het opensnijden van het gewricht vermeden. Arthroscopie heeft zijn populaire intrede gemaakt in de mensgeneeskunde ongeveer 10 jaar geleden. In kranten wordt geregeld verwezen naar professionele voetballers die arthroscopisch behandeld zijn in hun kniegewrichten. Ook bij honden wordt arthroscopie de laatste jaren uitgevoerd.
Het is duidelijk dat de arthroscopische techniek voor behandeling van gewrichten heel wat voordelen heeft ten opzichte van de chirurgische. Het trauma dat wordt aangericht is minimaal, de herstelperiode veel korter en de pijn na de ingreep veel minder. Bij honden kunnen momenteel routinematig schouders, ellebogen, polsen, knieën en enkels bekeken worden voor diagnose en ook behandeling van gewrichten is mogelijk.
De arthroscoop is een lang ijzeren buisje waarin een ingewikkeld lenzen systeem zit met op het einde een ooglens waardoor kan gekeken worden. Kijken door deze lens geeft de indruk van het kijken door een verrekijker maar dan achterste voor. Arthroscopen zijn in meerdere lengtes en diameters verkrijgbaar. Het is dan ook duidelijk dat het type arthroscoop dat gebruikt wordt afhankelijk is van de diersoort en het gewricht. Bij een paard van 1000 kg zal een zeer lange en dikke arthroscoop gebruikt worden om in de knie te kijken. Om in de pols van een kleine hond te piepen is daarentegen een korte en zeer dunne arthroscoop nodig. Omdat het lenzensysteem in de scoop zeer kwetsbaar is, kan de scoop niet rechtstreeks in het gewricht worden geduwd. Daarom is een schacht gemaak waarin dit lenzensysteem past. Deze schacht beschermt het systeem en laat toe om water te spoelen tussen scoop en buis. Dit water kan het gewricht reinigen en bloed en kraakbeenresten wegspoelen.
In de beginfase van het arthroscopisch onderzoek, keek de chirurg rechtstreeks door het oog van de scoop. Dit was echter technisch onhandig. Daarom werd er overgegaan tot het monteren van een camera op de scoop. Door deze camera wordt nu een beeld geprojecteerd op een televisiecamera, tevens kan dit beeld vastgelegd worden op een DVD-recorder. Tenslotte is er nog een koude lichtbron.
Het laatste deel van de uitrusting betreft het materiaal waarmee in het gewricht wordt gewerkt. Dit zijn allerlei kleine apparaatjes die gebruikt worden om stukjes weefsel weg te knippen, te verplaatsen, te extraheren enz. Een van de meer complexe apparaten om in het gewricht te werken is de shaver waarop allerlei kopstukken kunnen worden gezet. Deze laat toe om te boren, te frezen en gewrichtskapsel weg te scheren. De hele uitrusting is een investering van vele duizenden euro’s en het is dan ook logisch dat arthroscopiën duurder zijn dan gewone operaties van dezelfde gewrichten.
De schouder
Ontsteking of afscheuringen van de bicepspees in het schoudergewricht zijn ware diagnostische uitdagingen. Tot nu toe was zulke diagnostiek zeer moeilijk tot zelfs onmogelijk. Door de arthroscopie is het echter eenvoudig om in het schoudergewricht naar de aanhechting van deze pees te gaan kijken. Zwellingen, bloedingen en scheuren zijn aldus makkelijk vast te stellen. Een los kraakbeenstuk in het schouder gewricht (OCD) is met arthroscopie vlot te localiseren en te behandelen.
Diagnostiek van zeldzame afwijkingen in het schoudergewricht is ook mogelijk bv. een tumor. Hierbij kan het gewrichtskapsel bekeken worden en biopten kunnen genomen worden.
De elleboog
In de elleboog komen veel afwijkingen voor bij rassen zoals de berner sennen, de rottweiler, de golden retrieven en de labrador. Meestal betreft het hier losse kraakbeenfragmenten. Deze fragmenten zijn radiografisch soms erg moeilijk te zien bij jonge honden. Met de scoop kan men echter gaan kijken en de diagnose zwart op wit vaststellen. Ook het verwijderen van deze losse stukken is arthroscopisch mogelijk. In ongeveer 10-15% van de gevallen blijkt het resultaat niet echt goed. Bij een deel van deze patienten kan een tweede arthroscopie 2 à 4 maand nadien het probleem oplossen (nieuw los stukje of wegfrezen van kraakbeenerosies).
De pols
Hier komen er niet veel afwijkingen voor bij de hond, maar in sommige gevallen zal men arthroscopie goed kunnen gebruiken bij patiënten waar radiografische en cytologische onderzoeken geen letsels kunnen aantonen zoals in het geval van kleine kraakbeenscheuren.
De knie
Dit gewricht wordt tot nu bij de hond uitzonderlijk arthroscopisch onderzocht. Hierbij kan men scheuren aan de kruisbanden, losse kraakbeenflappen en soms meniscusscheuren waarnemen. Hoewel men met de artroscopie het kniegewricht netjes kan opruimen, is het eigenlijke recontructieve chirurgie (zoals bij de mens wordt uitgevoerd) nog niet gebruikelijk. Misschien in de toekomst wel.
De hak
In de hak worden kleine fractuurtjes en losse kraakbeenflappen (OCD) gediagnostiseerd een verwijderd met artroscopie.
Tenslotte
Als conclusie kunnen we zeggen dat de artroscopie een reëel deel is van de specialistische orthopedische praktijk voor honden. De techniek is verfijnd, weinig invasief en leidt tot snel herstel. Deze techniek biedt een extra dimensie aan verfijnde diagnostiek en laat ook een groot deel behandelingen toe.